Als Robin Thicke in 2003 debuteert met “When I Get You Alone” zijn z’n kapsel en muziek lekker wild. Met een nette coupe en het romantische “Lost Without U” komt al snel de grote doorbraak. Ook al blijft zijn kapsel daarna hetzelfde, de muziek wordt steeds commerciëler.

Met “Magic”, afkomstig van Something Else, scoort hij zijn grootste hit en op Sex Therapy gaan alle remmen los. Thicke presenteert zich als een tweede Justin Timberlake: een gladde sexpert met hoge stem. Liedjes als “Sex Therapy” en “It’s In The Mornin'” lijken vooral bedoeld om snel te scoren. Ook de vele gastbijdragen laten het gevoel van een vluggertje achter.

Voor zijn nieuwe project heeft Robin Thicke weer een nieuw kapsel, maar zijn geluid is oud en vertrouwd. Hij verkiest romantiek boven snelle seks, veel zwoele ballads en mid-tempos dus. Deze stijl past het beste bij hem, Thicke is een pro op dit gebied. Dit maakt Love After War zijn beste album sinds The Evolution of Robin Thicke.

Natuurlijk zijn er wat uitzonderingen. Het album opent stevig met “An Angel On Each Arm” en “I’m An Animal”. Ook blijft Thicke zijn vrouwelijke fans verleiden – “Love After War” is een subtiele verwijzing naar goedmaakseks – maar het ligt er minder dik bovenop.

Het is knap hoe Thicke het voor elkaar krijgt soulvolle liedjes te maken die zo makkelijk in het gehoor liggen. Een soort moderne Motown zanger dus. Nummers als “Never Give Up” en “All Tied Up” zijn heerlijk luistermateriaal. En ook al is de strekking van “Mission”,”Boring” en “Tears On My Tuxedo” hetzelfde, het klinkt nét niet als dertien in een dozijn.

Tweede single “Pretty Lil Heart” met rapper Lil Wayne, is eigenlijk het enige nummer dat een chart-attack als doel lijkt te hebben. Met Love After War wil Robin Thicke minder makkelijk scoren, maar de bevrediging is groter.